Hoe bouw je 500 woningen midden in een drukke stad? Op het Havenstraatterrein in Amsterdam is het antwoord duidelijk: zoveel mogelijk bouw- en sloopmateriaal over het water aan- en afvoeren. Het Havenstraatterrein ligt vlak bij het voormalige Haarlemmermeerstation, tussen de drukke Amstelveenseweg en het water van de Schinkel. Op en rond het terrein komen ongeveer 500 woningen, een school en andere voorzieningen. De sloop, bodemsanering en het bouwrijp maken zijn grotendeels afgerond. Bouw van de woonblokken start hierna en loopt naar verwachting van 2026 tot en met 2028. De gemeente Amsterdam kiest bij een groot deel van het project bewust voor vervoer over water. Zo blijft er meer ruimte over op straat voor omwonenden, scholieren, openbaar vervoer en hulpdiensten.
Uitdaging
Het Havenstraatterrein ligt op een druk en krap punt in de stad. Er rijden bussen en trams van de GVB-remise. In de buurt ligt een internationale school, waar verkeersveiligheid extra belangrijk is. Ook de Amstelveenseweg en de ring zijn vlakbij. Daarnaast moeten ambulances altijd snel kunnen doorrijden.
Bouwverkeer over de weg past daar maar moeilijk tussen. In de ochtend en nacht is de route deels niet beschikbaar door het verkeer van de remise. Daarna volgen de ochtendspits en de schooltijden. Vanaf de middag begint de drukte opnieuw. Voor vrachtwagens blijft dus maar een klein tijdvenster over.
De opgave voor transport is dus groot! Gelukkig ligt het terrein ook direct aan de Stadiongracht en de Schinkel. Dat maakte vervoer over water een logisch alternatief.
Aanpak
De gemeente Amsterdam nam vervoer over water al vroeg mee in de plannen en stelde dit bij de aanbesteding als eis. Maar alleen een eis stellen is niet genoeg. Daarom investeerde de gemeente ook in een overslaglocatie: een plek waar materiaal vanaf het schip veilig verder het bouwterrein op en af kan.
Vooraf is goed onderzocht wat daarvoor nodig was. Denk aan de beschikbare ruimte, waterdiepte, doorvaarhoogtes, vergunningen en kosten. Samen met de bouwpartners is vervolgens gekeken naar de slimste inrichting. Eerst waren twee overslagpunten in beeld. Uiteindelijk bleek één goed ingericht punt voldoende.
Ook is de route vanaf de overslaglocatie naar de bouwplaats zo kort mogelijk gemaakt. Daardoor zijn minder verkeersbewegingen nodig en blijft de overlast voor de omgeving beperkt.
Resultaat
Tijdens de sloop, sanering en het bouwrijp maken is vanaf de ingebruikname van de overslaglocatie al 90% van het transportvolume via het water vervoerd. Dat betekent veel minder bouwverkeer op de drukke wegen rond het terrein. Voor de komende bouwfase is het doel om ongeveer 75% van het materiaal via het water aan te voeren. Vooral grote en zware onderdelen, zoals prefab hout en prefabbeton, lenen zich hier goed voor. Kleinere materialen en betonmixers blijven grotendeels over de weg komen.
Er wordt ook onderzocht of beton op locatie kan worden gemengd. Dan kunnen droge grondstoffen per schip worden aangevoerd. Dat kan opnieuw vrachtwagens besparen.
Er zijn meteen ook al lessen geleerd uit de eerste fase: niet alle bouwkavels vallen onder dezelfde opdrachtgevers. Daardoor zijn de woningen van de corporatie en de school niet vanaf het begin meegenomen in het vaarplan. Juist daar ligt een belangrijke les: als alle partijen vroeg samenwerken, kan vervoer over water nog meer opleveren. Meer volume via het water kan zorgen voor minder overlast én een lagere kostprijs per transport.
Advies
Ruben Vrijhoef, logistiek makelaar van Noord West Connect helpt organisaties bij dit soort casussen: “Deze casus laat zien dat vervoer over water niet pas tijdens de uitvoering moet worden bedacht. De grootste winst ontstaat wanneer je er al in de planfase rekening mee houdt.”
“Kijk daarom vroeg naar de ligging van een project. Is er water in de buurt? Is er ruimte voor een loswal of overslagpunt? En kunnen opdrachtgevers, aannemers en leveranciers samen optrekken”.
Sta je zelf aan het begin van zo’n project? Neem dan contact op met ons op. Onze logistiek makelaars onderzoeken gratis de mogelijkheden van vervoer over water.


